Terug naar hoofdinhoud
3 november 2026

Olympisch goud voor een gedicht: toen kunst nog een Olympische sport was

Wie denkt dat je op de Olympische Spelen alleen kunt winnen met je benen, armen of snelheid, vergist zich: tussen 1912 en 1948 kon je er ook goud halen met een gedicht, een gebouwontwerp of een compositie.

Vijf categorieën

De kunstwedstrijden maakten hun debuut op de Spelen van Stockholm in 1912. Er werden medailles uitgereikt in vijf categorieën: architectuur, literatuur, muziek, schilderkunst en beeldhouwkunst. Later kwamen er binnen die categorieën ook onderdelen bij, zoals ontwerpen voor stadsplanning of aparte klasses voor toneelwerk en lyrische gedichten. Een belangrijke regel: de werken moesten met sport te maken hebben.

Coubertin won zelf goud

De bedenker van de moderne Spelen, Pierre de Coubertin, deed in 1912 zelf mee aan de wedstrijd literatuur. Hij stuurde zijn "Ode aan de sport" (Ode to Sport) in onder een pseudoniem, en de jury kende het gedicht de gouden medaille toe. Pas later werd bekend wie er echt achter zat.

Waarom verdwenen ze weer?

De kunstwedstrijden bleven bestaan tot en met de Spelen van Londen in 1948. Daarna verdwenen ze van het programma. De reden: bijna alle deelnemers waren professionele kunstenaars, terwijl het IOC destijds vasthield aan het amateurideaal. Een schilder die van zijn werk leefde paste daar slecht in.

Medailles voor kunst worden sindsdien niet meer uitgedeeld, maar het idee dat sport en cultuur samenhoren, leeft in de Olympische traditie nog steeds voort.